Naar Lacoste in de Luberon. We fietsen er zo graag naar toe.
Méthamis, Malemort-du-Comtat, Venasque.
Vanuit Venasque begint het klimwerk naar de “Col des Trois Termes”, gelegen op 575 m hoogte, met een gemiddelde stijging van 4.5%. We reden niet via de “Abeye de Senanque” (te druk) naar Gordes. Eens in het erg toeristische Gordes namen we niet de grote wegen maar fietsten we door Gordes zelf via heel kleine rustige baantjes richting Goult en uiteindelijk Lacoste. Eens in Lacoste toegekomen (na een klimmetje van 5 km), aten we in “Café de France”. Prachtig zitten met uitzicht op Bonnieux en het Luberon gebergte. Na deze deugdoende stop daalden we naar Bonnieux. Een leuk dorpje met twee kerken. Zeker een bezoek waard!
De rit ging verder naar de “Pont Julien”. Een romeinse stenen boogbrug over de rivier de “Calavon”.
We fietsten verder, door een golvende landschap eigen aan de Luberon, naar Roussillon, daalden uit het drukke dorpje, om een paar kilometer verder de klim aan te vatten naar Murs alwaar we onze bidons bijvulden. Via de “Col de la Ligne” fietsten we naar Méthamis.
De Col de la Ligne is 12,5 kilometer lang met een gemiddeld stijgingspercentage van 3,7%. Het hoogste punt ligt op 757 meter. Vanaf dit punt, alwaar je een mooi uitzicht hebt op de MV, is het ongeveer 12 km dalen naar Méthamis.